20 jaar oude La Trappe Dubbel

Maderisatie van 20 jaar

Heel af en toe in het leven stuit je op iets onvoorstelbaar moois, bijna te mooi om waar te zijn, een pareltje voor de tong en een bierschat van onschatbare waarde. Het betrof hier een kruik La Trappe Dubbel uit februari 1998 die door familie werd gevonden op een rommelmarkt en slechts € 2,00 kostte. Nog langer bewaren zou zonde zijn geweest. Of misschien juist wel niet. In ieder geval werd de fles geopend op vrijdag 5 oktober jongstleden.

We vergezelden de oude La Trappe Dubbel niet alleen van een kaasplankje, maar ook van een jonge La Trappe Dubbel (2018). Dit om de smaakverschillen en smaakontwikkelingen goed te kunnen volgen. De conclusies: La Trappe Dubbel is na 20 jaar nog steeds te drinken. Weliswaar is de koolzuur bijna geheel verdwenen, ontbreekt de schuimkraag, maar het bier was prachtig gemaderiseerd, wat een zoete, bijna portachtige smaak oplevert.

Maderiseren verwijst naar de lange bewaring in een oxidatief milieu van Madeira wijnen. Soms verloopt dit proces goed en ontstaat er moois, maar soms ook niet en blijft er een verlepte geur en een futloze smaak over. Zo niet bij deze La Trappe Dubbel, die ondanks zijn wat lage alcoholvolume (6,5% voor de oude en 7,0% voor de nieuwe) toch een mooie ontwikkeling heeft doorgemaakt.

Een nieuw jaar, nieuwe bierkansen

Een nieuw jaar. Met nieuwe bierkansen. Wij wensen iedereen een dorstig nieuwjaar. Laat het bier stromen. Maak de kelen nat. Dankzij de brouwer hebben nooit meer dorst. Veel bierplezier in 2018. Dit is ons wensenlijstje voor 2018. Oftwel, onze goede, of minder goede voornemens. En zoals het is met voornemens, wie weet worden ze ook nog bewaarheid...

1. Lombardije en Piemonte

Dit jaar keren we weer terug naar Italië. We starten in de beer scene van Milaan, hoofdstad van Lombarije met namen als  Baladin Milano, Bere Buona Birra, Birrificio Lambrate, BQ Lossana , Hop, La Belle Alliance en LambicZoon. Daarna trekken we verder naar Piemonte, naar de streek van de Barolo en Barbaresco wijnen en vooral ook van de truffels. Ook daar is genoeg te beleven op het biergebied. Beer meets wine, maar later dit jaar meer daarover.     

2. Bermondsey Beer Mile in Londen

Nog net voordat rampspoed het eiland zal treffen (lees: Brexit) op nummer twee: de Londense Bermondsey Beer Mile. De trein en hotel zijn al geboekt, dus een zekerheidje. De Mile is sinds 2009 uitgegroeid tot een waar biermekka met brouwerijen als Southwark, Anspach&Hobday en Brew by Numbers. Weliswaar is de Mile niet werkelijk een mijl, maar ach dat nemen we ze niet kwalijk. Rare jongens die Engelsen, zullen we maar zeggen. 

3. Het zuur van Alvinne

De tap takeover van Alvinne bij Kaapse Brouwers afgelopen zomer smaakte en smaakt nog steeds naar meer. Goed voornemen voor dit jaar: Alvinne bezoeken en meer Alvinne drinken. Dat wordt nog een hele uitdaging. Het ACBF-festival in maart is al uitverkocht, een rondleiding door de brouwerij kan alleen met > 10 personen en ook  de Proefloft is maar beperkt open (1 keer per maand).  Maar goed, daar laten we ons niet door tegenhouden. We hebben wel voor hetere (zuurdere) vuren gestaan.

4. Oersoep

Genoeg buitenland. Ook in Nederland is er nog veel werk aan de winkel. Het wordt tijd om een lang staande belofte in te lossen met een bezoek aan Brouwerij Oersoep uit Nijmegen. Naast een lijn met cleane bieren, brouwt Oersoep ook wilde bieren met brettanomyces gisten. En nu we het daar toch over hebben. Ook voor de Carnivale Brettanomyces in Amsterdam wordt het dit jaar wel weer eens tijd. Maar dat geldt wel voor dingen. Zucht, tijd is altijd een beperkende factor...

5. Meer Follow the Beer

Dit wordt het jaar van Meer Follow the Beer. Meer bewegen en meer gezond leven met bierplezier. Meer wandelingen met aan het einde een mooie bierspot. Meer bierculturen ontdekken. Meer nieuwe bieren spotten. Meer bieren onder de loep nemen. Meer nieuwe trends ontdekken, volgen, maar vooral ook maken. Meer zef bieren brouwen. Meer workshops geven. Meer proeverijen doen. Meer Follow the Beer. Meer. Meer. Meer. En zeker niet minder, minder, minder.

Onder de loep: Hout

Als rechtgeaarde craft brewer tel je tegenwoordig niet mee als je niet 'iets met hout' doet. Dat gaat van houtsnippers, tot  whiskymout tot het lageren op houten vaten. Als gevolg hiervan smaken dus veel bieren tegenwoordig naar één of andere houtsoort of naar whisky, bourbon, sherry, rum, balsamico of zelfs wijn. Alles kan, alles mag. Soms komen daar mooie resultaten uit, soms is het gewoon zonde van het bier. Wij legden een paar van die houtbieren onder de loep.

Hout en bier, dat is een vak op zich. Maar eigenlijk is er niets nieuws onder de zon. Het lageren van bier op houten vaten is - bijna letterlijk - al zo oud als de weg naar Rome. Vroeger - oh dat heerlijke vroeger - zat al het bier in houten vaten of tonnen. De kunst van het lageren is ook nooit echt weggeweest. Denk maar eens aan een brouwerij als Rodenbach in België, die haar bieren laat rijpen op foeders (eikenhouten vaten) met de gewenste infectie van de melkzuurbacterie. Of denk aan ons geliefde Cantillon die zijn basisbier, de lambik, laat rijpen op houten vaten waarna menging en maceratie met bijvoorbeeld kersen of frambozen plaatsvindt. En zo zijn er nog meer voorbeelden te noemen.

Hout en bier kan ook een dure hobby zijn. Vooral het lageren op houten vaten stuwt de prijs van bier snel naar astronomische hoogten. De verklaring hiervoor is dat houten vaten, en dan vooral de goede vaten, schaars en dus duur zijn. Ze kunnen ook maar één of twee keer worden gebruikt voor het lageren van bier.

Muifel Beerskey

Martin Ostendorf, de man achter de Muifel bieren, kennen wij nog van de schoolbanken in Alkmaar. Als huurbrouwer loopt hij alweer geruime tijd mee in de bierwereld en in 2017 zal zijn droom in vervulling gaan: een eigen brouwerij in het Brabantse Oss.

De Beerskey brengt het beste van twee werelden samen: bier en whisky, aldus de brouwer zelf. Dit bier van 11% is gebrouwen met geturfde rookmout waardoor het een smaak krijgt die doet denken aan de single malt whisky's uit het westen van Schotland, waar bij het eesten - het drogen van de groenmout - turf  is gebruikt om te stoken.

Door de turfmout krijgt de whisky, en in dit geval het bier, een zilte jodium-achtige geur en smaak. Daar moet je van houden. Sommigen smullen hiervan, terwijl anderen er juist van gruwelen. Wij konden dit bier goed waarderen. Dat is ook niet vreemd omdat wij wel houden van een goede Islay-whisky. 

Tot slot nog een opmerking over de naam. Beerskey is een samentrekking van 'beer' en 'whisky', waarbij whisky door de brouwer met een 'e' wordt geschreven. Whisky's met een 'e' zijn whisky's uit Ierland en de Verenigde Staten, terwijl de 'whisky's' zonder 'e' uit Canada en Schotland komen (waar de beroemde turfwhisky's vandaan komen). Het is maar detail.

Breugem Krachthout

Ook Patrick Breugem kwamen we al eerder tegen in de bierwereld. Eerst bij De Prael, daarna bij zijn eigen Breugems Brouwerij in het centrum van Zaandam en later als doorgestarte huurbrouwer onder de naam Breugem Brouwerij, is hij nu neergestreken bij de nieuwe Brouwerij Hoop in Zaandijk waar hij één van de drie brouwmeesters is en naast zijn eigen Breugembieren ook de Hoopbieren brouwt.

De Breugem Krachthout is een quadrupel van 11% met een tinctuur - een alcoholische oplossing van kruiden of harsen - van Palo Santo Hout. Deze houtsoort uit Zuid-Amerika bevat etherische oliën die veel smaak kunnen toevoegen zoals tonen van kokos, vanille, munt en sabayon, aldus de brouwer. Dat klopt ook. Vooral de kokos en vanille komen sterk naar boven, terwijl je naar de munt en sabayon moet zoeken.  

Tot slot

Brouwen met hout komt in vele gedaanten. En het is een kunst (lees: ambacht) om een mooie balans in smaken te vinden. Maar experimenteren is goed. Vooral doorgaan, zou Barry Stevens hebben gezegd.