Orval Proeverij Den Haag

Soms is het interessant en bovenal plezierig om eens een keer de andere kant van een proeverij bij te wonen. Je vaktechniek bijhouden, zo noemen ze dat ook wel. Dit keer een Orval proeverij waarbij de ontwikkeling van het bier centraal stond. Door het gebruik van brettanomyces gist en dry hopping maakt dit trappistenbier een smaakontwikkeling door. Van frisfruitig naar droog en zuur.

Tijdens de proeverij kwamen achtereenvolgens basis-Orval en jonge en oude Orval aan bod. Deze werden 'gepaird' met andere bieren (IPA, oude geuze) en een single malt whisky uit de Speyside. De winnaar? Orval natuurlijk!

 

Onder de loep: Gose

Een IPA drink je het best zo vers mogelijk in Engeland of de Verenigde Staten. Een rauchbier drink je natuurlijk in Bamberg, een Kölsch in Keulen, een Alt in Düsseldorf en een Kriek Lambiek in Brussel en omgeving. Dat geldt ook het onbekendere Gose bier. Follow the Beer toog naar de bron en bestelde er eentje aan de toog.

Daarvoor togen we helemaal naar Leipzig (Duitsland), een stad in de voormalige DDR en een stad die in de reisboekjes werd aangekondigd als het 'Nieuwe Berlijn'. Die status maakt Leipzig bij lange na niet waar, maar het is er wel goed toeven. En je kunt er natuurlijk een Gose drinken, vers uit de bron. Onze trip bleek vrij snel een historische misser van jewelste te zijn. Voor de bron, daar waar het Gose-bier is geboren, moet je helemaal niet in Leipzig zijn, maar in het 150 kilometer verderop gelegen Goslar. Maar daar namen we pas ter plekke kennis van en dat namen we dus ook maar ter kennisgeving aan.

De geschiedenis van het Gose-bier

Gose is vernoemd naar het riviertje Gose dat door het centrum van Goslar, een stad in het noorden van de Harz in de Duitse deelstaat Nedersaksen. Hier ontstond in de middeleeuwen een bierstijl die we tegenwoordig kennen als Gose. Deze bierstijl was nauw verwand aan de geuzebieren uit Brussel en omgeving omdat het vroeger ook met spontane gisting tot stand kwam. Het resultaat was een betrekkelijk zuur bier dat op smaak werd gebracht met koriander en zout.

De bierstijl sloeg ook over naar Leipzig, 150 kilometer verderop gelegen en verdrong hier in de 18e en 19e eeuw alle andere bierstijlen. Ook in het nabijgelegen Halle sloeg het Gose-bier aan. Iedereen dronk in die tijd het Gose-bier. Dat veranderde in de 20e eeuw. Eén na één verdwenen de Gose-brouwerijen. In de 20e eeuw was de Gose zelfs helemaal verdwenen. De laatste Gose-brouwerij in Döllnitz werd in 1945 door de Russen verwoest. Na de oorlog volgde nog een korte opleving, maar in 1966 verdween de Gose alsnog. Twintig jaar later werd de eerste Gose weer gebrouwen.

Het moderne Gose-bier

Het moderne Gose-bier wordt allang niet meer spontaan vergist. Het wordt gebrouwen met een mengeling van gerste- en tarwemout en de brouwers gebruiken hun eigen gekweekte gist. De zure smaak wordt verkregen door het toepassen van melkzuurgisting, waarna het zure bier vervolgens wordt gezouten en gekruid, vaak met koriander. Met deze toevoegingen zijn de Gose-brouwers feitelijk in overtreding met de Voorlopige Bierwet uit 1993, waarin de restanten van het Duitse Reinheitsgebot zijn opgenomen. Voor de Gose-bieren en andere regionale stijlen is een uitzondering gemaakt in de wetgeving. Zij hoeven de strikte regels van het van origine Beierse Reinheitsgebot (water, graan, hop en gist) niet na te leven.

Er zijn tegenwoordig vier brouwerijen die Gose-bieren brouwen, waarvan twee uit Leipzig en twee uit Goslar. Achtereenvolgens zijn dit: Ritterguts Gose GmbH (een huurbrouwer uit Leipzig die zijn Gose-bieren bij brouwerij Reichenbrand in Chemnitz laat brouwen), de Bayerischer Bahnhof (gevestigd in het oudste kopstation ter wereld), brouwhuis Goslar en brouwerij Junge (beiden uit Goslar).

Gose-bier is ook niet zomaar één specialiteit; het bestaat in verschillende varianten. Zo maakt Ritterguts Gose een Original (4,7%, toevoegingen: keukenzout en koriander), een Bärentöter Sour Gose-Bock (6,6%, extra: sinaasappelschillen en kaneel), een Urgose Märzen en een Alt-Leipziger Gosen-Kümmel (een mix van Gose met Kummellikeur). In de Bayerischer Bahnhof  vind je de Leipziger Gose (4,5%) die in verschillende varianten wordt gemaakt. Goslar brouwt twee varianten, een Helle Gose en een Dunkles Gose (beiden 4,8%). Ook Junge maakt twee verschillende Gose-bieren, eentje voor café Butterhanne en eentje voor restaurant Worthmühle.

Ook de craft beer revolutie kon het Gose-bier niet ongemoeid laten. Na het bitter kwam het zuur en in hun zoektocht naar nieuwe varianten, kwamen de craft brewertjes bij de Gose uit. Zo brouwen nu verschillende Amerikaanse craft brewers nu een Gose-bier. De Gose-bieren die wij in New York leken echter maar bitter weinig op het Gose-bier uit Leipzig. Nog een beetje doorleren, is ons advies. Of misschien eens bij de bron kijken.

Op de foto drinken wij een Original van Ritterguts Gose GmbH, die door de brouwer vol trots wordt aangekondigd als het oudste en beste Gose-bier van de wereld. Gose-bier wordt vanwege het gebruik van tarwemout en koriander weleens vergeleken met het Belgische witbier, maar die vergelijking slaat kant noch wal. Gose-bier lijkt in de verste verte niet op witbier. Het zuur en het zout treden in dit bier op de voorgrond en zijn in balans met het zoet. Een verfrissend bier ook. Zum Wohl. Goseanna!

 

 

 

 

 

 

Belgisch bier krijgt UNESCO-status

De UNESCO heeft deze week besloten dat de Belgische biercultuur als geheel een plaats krijgt op de zogenoemde Representatieve Lijst van Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid.  Dat onze zuiderburen daarmee danig in hun nopjes zijn, valt goed te begrijpen. De UNESCO-status is iets om trots op te zijn.

Het is alweer het elfde Belgische item op deze lijst. UNESCO kende onder meer ook al de Garnaalvisserij te paard in Oostduinkerke, het Carnaval van Aalst en de Heilig Bloedprocessie in Brugge deze status toe. En de Belgen zijn ook nog bezig om hun andere nationale lekkernij, de frieten, erkend te krijgen, maar dat is tot op heden nog niet gelukt.

Nederland heeft geen enkel immaterieel erfgoed op de UNESCO-lijst staan. We hebben wel tien culturele en natuurlijke werelderfgoederen, zoals het Waddengebied, Schokland, de Amsterdamse grachtengordel en de Stelling van Amsterdam. Ook de Nieuwe Hollandse Waterlinie staat hiervoor op de nominatie. Daartoe wordt in 2018 een voordracht ingediend.

Wat is dat voor lijst?

De UNESCO is de organisatie van de Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur. Ze werd opgericht in 1945 en zetelt in Parijs. Met de lijst van immaterieel cultureel erfgoed wil UNESCO de diversiviteit van het mondiale cultureel erfgoed bevorderen en het bewustzijn hieromtrent. De lijst is niet zonder plichten. Als een cultureel erfgoed in verval dreigt te raken, dan zullen groepen uit de samenleving, en ook overheidsinstanties, zich moeten inzetten om hun cultureel erfgoed te beschermen. Ook internationale ondersteuning hierbij is een onderdeel hiervan.

Stel je maar eens voor als een groot deel van de Belgen besluit om wijn in plaats van bier te gaan drinken. Dat mogen ze in België vanaf nu niet meer over hun kant laten gaan. Ze zullen alles in het werk moeten stellen om mensen weer aan het nationale bindmiddel - het bier - te krijgen. 

Is het terecht?

UNESCO onderbouwde haar beslissing als volgt. Het brouwen en ook het genieten van bier is onderdeel van het cultureel erfgoed in heel België. Het speelt een rol in het dagelijkse leven, en ook bij vele feestelijke gelegenheden. Bijna 1.500 soorten bier worden geproduceerd met behulp van verschillende gistingsmethoden. Sinds de jaren tachtig is ook het ambachtelijk brouwen van bier populair geworden. Er is een aantal regio's die bekend staan om hun bijzondere variëteiten, terwijl sommige trappistenkloosters de winsten die zij behalen met het brouwen van bier aan goede doelen geven. Daarnaast wordt het bier gebruikt voor in de gastronomische keuken en voor het maken van producten zoals kaas. Tevens kan bier worden gecombineerd met voedsel en aldus smaken aanvullen en versterken. Ook de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de biersector werd meegewogen, zoals het stimuleren van verantwoord alcoholgebruik en het gebruik van milieuvriendelijke verpakkingen.

Heeft UNESCO en de Belgen een punt? Ja, is het antwoord op deze vraag. België is en blijft een uniek bierland dat zijn weerga niet kent. De Belgische biercultuur is zodanig verweven met het dagelijks leven van zowel Vlamingen, Walen als Brusselaars dat het daarmee een land verbindt dat vaak zo verscheurd lijkt. Het Belgische bier, haar brouwerijen en de heersende biercultuur zijn een onlosmakelijk deel van de Belgische identiteit geworden.

Denk maar eens aan de trappisten- en de abdijbieren met hun quadrupels, tripels en dubbels. Of aan de geuzes, krieken, Vlaamse bruinen, Duvels, saisons of witbieren. Of wat te denken van de spontane gisting in de Zennevallei. Of de fascinerende gistculturen. Of het hoge niveau van brouwen. België heeft het allemaal en dat is nog lang niet alles. Je hoeft niet eens de grens over te gaan om dit te zien. Onze café's en supermarkten worden nog immer gedomineerd door het Belgisch bieraanbod. Maar je ziet pas echt als je de grens overgaat en in een willekeurig dorp of stad de Vlaming, Waal of Brusselaar zijn bier ziet drinken. Bier verbroedert, misschien zelfs wel een heel land.

En Nederland dan?

De Nederlandse biercultuur bloeit en groeit als nooit tevoren. Nieuwe brouwerijen schieten al een paar jaar als paddenstoelen uit de grond. De teller staat inmiddels op meer dan vierhonderd (inclusief huurbrouwerijen). Al onze brouwerijen maken ook een keur aan variëteiten van bier. Dat is allemaal goed nieuws en een verademing ten opzichte van de pilswoestijn die Nederland was geworden in de jaren tachtig. Maar we zijn er nog niet, nog lang niet. We hebben nog een lange weg te gaan voordat we op hetzelfde niveau als onze zuiderburen zijn.

De Nederlandse biercultuur is - nog - niet verweven met ons dagelijks leven zoals dat in België wel het geval. We zijn weliswaar een bierland in opkomst, maar het zal nog wel decennia duren voordat we onze zuiderburen hebben ingehaald, als dat we dat al ooit zullen doen. Er is nog veel werk aan de winkel. Er zal nog veel bloed, zweet en tranen moeten vloeien.